Hoe ga je naar je school?
Je kijkt vast televisie. Wanneer zet je 'm uit?
Je hebt net een lekker groen appeltje verorberd. Waar laat je het klokhuis?
Het is winter en iets frisser in thuis. Wat doe je?
Je hebt morgen een schoolfoto, maar help, je favoriete outfit ligt vies in de wasmand. Wat doe je?
Jouw oma woont in een flat op de vijfde verdieping. Jij neemt natuurlijk…
Je vindt een oude tekening in de kast de je niet meer mooi vindt. Wat doe je ermee?
Tenslotte: wat zit er in jou broodtrommeltje?